aanmelden
cursusdata
contact

Borstvoeding of flesvoeding

 

Welke voeding voor je baby; weet jij het al?

 

Heb je er al over nagedacht hoe jij je baby gaat voeden? Wordt het borstvoeding, donormelk of kunstvoeding? Of een combinatie? Weet je wat de voors en tegens zijn? We zetten een en ander op een rijtje, om je te helpen een goede keuze te maken voor jou en je baby. Wordt het borstvoeding, donormelk of kunstvoeding? Of een combinatie? Weet je wat de voors en tegens zijn? De eerste maanden is je baby aangewezen op melkvoeding. Al tijdens de zwangerschap moet je dus een keuze maken hoe je je kind gaat voeden.

 

Borstvoeding

Wist je dat je lichaam zich al tijdens je zwangerschap voorbereidt op moedermelk geven? Dat gebeurt onder invloed van je hormonen. De eerste moedermelk die je baby drinkt, heet 'colostrum'. Die zit boordevol antistoffen, om je baby direct na de geboorte optimaal te beschermen tegen infecties. Jouw borstvoeding is uniek van samenstelling en is helemaal afgestemd op jouw baby. Je kunt je eigen moedermelk natuurlijk ook kolven en dan met de fles geven.

 

Donormelk

Soms lukt het niet om zelf borstvoeding te geven of te kolven, bijvoorbeeld als je medicijnen gebruikt of een borstoperatie hebt gehad. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) raadt in dat geval donormelk aan. Donormelk is gekolfde melk van een andere moeder. Het is dus óók moedermelk, met antistoffen tegen ziektes.

 

Poedermelk (ook wel flesvoeding of kunstvoeding)

Poedermelk wordt gemaakt van dierlijke en plantaardige stoffen. In poedermelk zitten alle benodigde voedingsstoffen. Kunstvoeding mist bijvoorbeeld de stoffen uit moedermelk die je baby beschermen tegen infecties en ziektes.

 

Flesvoeding

Of je met de borst of met de fles voedt, staat op zich los van welk soort voeding je geeft. Want met een fles kun je zowel je eigen afgekolfde moedermelk als donormelk of kunstvoeding geven.

 

Wat kun je laten meespelen bij je keuze?

Er zijn een paar dingen waarop je kunt letten bij je beslissing. Bijvoorbeeld:

  • Wat is het gezondst voor je baby?
  • Kun je na de geboorte rekenen op hulp van een partner of iemand anders in je directe omgeving?
  • Je conditie: hoe verloopt je bevalling straks, en hoeveel slaap heb je daarna nodig?
  • Comfort en plezier: wat werkt voor jou het best en wat vind je het fijnst?
  • Goede ondersteuning van zorgverleners (verloskundigen, kraamverzorgenden, JGZ en eventueel lactatiekundige).

 

Over borstvoeding

 

Borstvoeding geeft je baby een gezonde start

Het geven van borstvoeding kan levenslang effect hebben op de gezondheid van je baby en misschien zelfs op je eigen gezondheid. Zo is bewezen dat kinderen die borstvoeding krijgen minder kans hebben op sommige infectieziekten (maag- en darmkanaal, luchtwegen en middenoor).

Omdat het zo gezond is, adviseert de Wereldgezondheids- organisatie (WHO) moeders om de eerste zes maanden alleen moedermelk te geven. Daarna kun je beginnen met (ook) wat vaste voeding geven.

Het lichaamscontact tijdens de borstvoeding geeft je kind een gevoel van veiligheid, geborgenheid en vertrouwen. Dit stimuleert de (hersen)ontwikkeling van je baby. Het geven van borstvoeding bindt jullie op een unieke manier.

Baby’s hebben aangeboren reflexen, waardoor ze direct aan de borst kunnen drinken. Na de geboorte is het even zoeken naar de prettigste manier om borstvoeding te geven. Door verschillende voedingshoudingen te proberen, merk je wat voor jullie fijn is. Je krijgt hierbij hulp van je kraamverzorgende en verloskundige. Lukt het even) niet om je baby met de borst te voeden? Dan kun je melk afkolven. Als dit niet gaat, kun je je baby (tijdelijk) (bij)voeden met donormelk of poedermelk.

 

Heb je wel genoeg melk?

Je bent niet de enige die zich dat afvraagt...........

Veel moeders maken zich de eerste weken na de bevalling zorgen over de hoeveelheid melk. Hun borsten voelen niet meer zo gespannen als in de kraamweek. Maar soepelere borsten zijn een goed teken: het geeft aan dat 'vraag en aanbod' in evenwicht komen. Als je baby genoeg blijft plassen (minstens vijf flinke plasluiers per dag), komt hij niets tekort.

Je baby wordt door ons en je kraamverzorgende goed in de gaten gehouden. Wij kijken hoe je baby zich gedraagt, hoe hij drinkt, we wegen je baby en tellen het aantal poep- en plasluiers. Dat zijn allemaal manieren om te zien of je baby genoeg melk binnenkrijgt. Na de kraamweek neemt de JGZ deze zorg over.

Je baby geeft zelf aan wanneer hij voeding wil

Het is belangrijk om je baby steeds aan de borst te leggen als hij dat wil. Dat is de eerste dagen zo'n 8 tot 12 keer per dag. Dan komt de melkproductie snel op gang. Je baby hoeft die eerste dagen trouwens nog niet meteen veel melk binnen te krijgen, want hij heeft nog genoeg reserves. Baby's bepalen ook daarna zelf de hoeveelheid voeding. Door op sommige dagen vaak te drinken, stimuleren zij de aanmaak van borstvoeding.

 

Kolven

De kraamverzorgende bespreekt het met je als blijkt dat je baby bijvoeding nodig heeft. Zij zal dan adviseren te gaan kolven. Dat kan de eerste dagen gewoon met de hand. De hoeveelheid colostrum is dan meestal nog klein, en je kunt de druppels makkelijk opvangen en met een lepeltje aan je baby geven. Blijf je kolven, dan is een kolfapparaat handig. Dat kun je ook huren.

 

Krampjes

Het is niet bewezen dat koolsoorten, uien, scherpe kruiden of andere dingen die jij eet krampjes bij je baby kunnen veroorzaken. Krampjes worden veroorzaakt door de ontwikkeling van de darmen, niet door wat de moeder eet. Na 3 maanden zijn de krampjes over het algemeen over.

 

Je kunt je alvast voorbereiden

Lees over borstvoeding, kijk op internet, ga (met je partner) naar een informatiebijeenkomst, of neem nu al contact op met een lactatiekundige. Dat laatste is zeker een goed idee als de borstvoeding bij een eerdere baby niet gemakkelijk ging. Of als je je afvraagt of borstvoeding wel een optie voor jou is, omdat je bijvoorbeeld medicijnen gebruikt of een borstoperatie hebt gehad.

 

Bij de ene vrouw gaat borstvoeding geven vlot en zonder problemen, bij de andere wat minder makkelijk. Op moeilijke momenten is het belangrijk dat je de juiste hulp en ondersteuning krijgt. Vraag die steun aan je partner, maar ook aan ons of je kraamverzorgende.

Hoe vaak jij je baby in het begin de borst geeft, is heel belangrijk voor het succes. Je leert het samen met je baby. Daarom worden baby's zo snel mogelijk na de bevalling aan de borst gelegd. Een baby 'onthoudt' hoe hij aan de borst moet drinken, zodat hij de volgende keren precies weet wat hij moet doen.

 

Soms lukt het gewoon echt niet om borstvoeding te geven, ondanks alle inzet en goede wil. Maak je dan vooral geen zorgen: donormelk of kunstvoeding zijn prima alternatieven.

 

Over kunstvoeding

 

Welk soort kunstvoeding is het beste?

 

Gewone kunstvoeding (voor 0 tot 6 maanden) is meteen vanaf de geboorte geschikt voor je baby. Het is bijna nooit nodig om een speciale voeding te gebruiken, bijvoorbeeld voeding tegen allergieën of tegen spugen. De meerwaarde van dit soort voedingen is namelijk nooit bewezen.

 

Ga niet experimenteren door kunstvoeding of water met koe- of geitenmelk te mengen. Dat levert namelijk geen geschikte voeding voor je baby op. Er zitten dan te weinig voedingsstoffen in. In gewone kunstvoeding is de hoeveelheid voedingsstoffen heel precies gedoseerd , zodat je baby binnenkrijgt wat hij nodig heeft.

 

Welk merk kun je het beste gebruiken?

Het maakt niet uit welk merk kunstvoeding je kiest. De verschillen tussen de merken zijn namelijk te verwaarlozen. In Nederland moet alle kunstvoeding qua samenstelling en kwaliteit voldoen aan regels die zijn vastgelegd in de Warenwet. Soms staat op de verpakking dat een extra toegevoegd ingrediënt de gezondheid van je baby zou bevorderen. Maar dat is voor geen enkel van die ingrediënten wetenschappelijk bewezen.

 

Waarop moet je verder letten?

 

Hygiëne

Gebruik altijd schoon drinkwater en zorg voor goede hygiëne. Was altijd je handen voordat je kunstvoeding klaarmaakt. Zorg voor een schone werkomgeving, en gooi na het voeden eventuele restjes direct weg. Met deze maatregelen voorkom je dat schadelijke bacteriën op je handen, op het aanrecht of in de restjes je baby ziek maken.

De juiste hoeveelheid

Op de verpakking van kunstvoeding staat altijd beschreven hoe je die moet klaarmaken. Als je je baby meteen na de geboorte kunstvoeding gaat geven, krijgt hij in het begin ongeveer 10 milliliter voeding. Dat is ongeveer gelijk aan de maaginhoud van een pasgeborene.

Na de kraamweek bepaalt het gewicht van je baby de hoeveelheid voeding die hij per 24 uur mag krijgen. Per kilogram lichaamsgewicht is dit ongeveer 150 milliliter. Je mag zo vaak voeden als je baby wil, met een minimum van 6 à 7 voedingen per 24 uur. Je baby geeft zelf aan wanneer hij genoeg gedronken heeft. Dring de voeding niet op, de fles hoeft niet leeg.

Als je baby geregeld niet of slecht drinkt of met golven spuugt, overleg dan met je verloskundige. Gebruik je kunstvoeding als bijvoeding? Maak dan over de hoeveelheid bijvoeding afspraken met je verloskundige, de lactatiekundige of het consultatiebureau.

 

Extra vitamine D (altijd) en K (soms)

Alle baby's krijgen vanaf de geboorte 10 microgram vitamine D per dag, dus ook al je borstvoeding geeft. Voor baby' s tot 12 weken oud die per 24 uur minder dan 500 milliliter kunstvoeding drinken, wordt extra vitamine K geadviseerd. Vitamine K-druppels kun je kopen bij de drogist of apotheek.

 

Over met de fles voeden

 

Wat voor soort fles is het beste?

 

Een fles en een speen kiezen

Neem een fles met daarop een duidelijke maatverdeling en een bijpassende speen die geschikt is vanaf de geboorte (O+ maanden.)Een lange, rechte speen werkt bij de meeste baby's het beste. Soms is het even zoeken welk merk fles en welke speen het beste bij jouw baby passen.

 

Schoonmaken

Flessen en spenen hoeven niet te worden uitgekookt. Afwassen met een flessenborstel in een schoon sopje of wassen in de vaatwasser (minimaal 55 graden) is genoeg. Laat de flessen en spenen aan de lucht drogen op een schone doek. Controleer en vervang de spenen geregeld.

 

Als het voeden erg hard of juist erg traag gaat

Je kunt de dop wat strakker op de fles draaien en een ander model speen of een speen met een kleiner gaatje gebruiken. Duurt het voeden langer dan 20 à 30 minuten? Draai de dop dan wat losser op de fles of gebruik een ander model speen of een speen met een groter gaatje.

 

Waarop moet je verder letten?

 

Zorg voor lichaamscontact

Een baby heeft van nature een sterke behoeft aan lichaamscontact. Bij borstvoeding gebeurt dat automatisch. Als je de fles geeft, kun je er extra goed op letten. Neem je baby tijdens het voeden bijvoorbeeld altijd in je armen. Zorg voor huid-op-huidcontact met je baby.

 

Zo breng je de zuigreflex op gang

Als je de natuurlijke reflexen van je baby gebruikt, help je hem om het verloop van je voeding zoveel mogelijk zelf te regelen. Stop bijvoorbeeld niet zomaar meteen de speen in zijn mondje. Strijk eerst even met de speen over de wang of bovenlip van je baby, dan maak je duidelijk dat er voeding aankomt. Zo activeer je zijn zoek- en hapreflex en gaat hij zijn mondje wijd open doen. Door hem te laten happen en de speen voorzichtig op de tong te leggen, activeer je daarna de zuigreflex.

 

Als je bijvoedt met de fles; voorkom 'zuigverwarring'

Laat je baby eerst eventjes een tijdje op de lege speen zuigen. Laat dan pas de melk in de speen stromen door de fles omhoog te kantelen. Zo boots je het 'toeschieten' van je eigen melk na als je de borst geeft. Dat voorkomt dat je baby in de war raakt van de verschillende manieren van voeden.

 

Hoe moet je de fles houden?

Houd de fles tijdens het voeden zo horizontaal mogelijk. De speen hoeft niet helemaal gevuld te zijn met melk. Als je je baby rustig hoort slikken, is het goed. Als je baby schrokt, zich verslikt of wegkijkt, kan dat erop wijzen dat de melkstroom hem te hard gaat. Kantel de fles dan naar beneden om te pauzeren, maar laat de speen in het mondje zitten. Zo kan je baby wel blijven zuigen, maar hoeft hij geen melk te drinken.

 

Wie geeft de fles?

Om je baby goed aan jou te laten hechten en overprikkeling te voorkomen, is het verstandig om zeker in de eerste weken zo veel mogelijk zelf de fles te geven.

 

Over donormelk

 

Hoe kom je aan donormelk?

Sommige vrouwen kunnen of mogen zelf geen moedermelk aan hun baby geven, bijvoorbeeld omdat ze medicijnen slikken. Geldt dat mogelijk ook voor jou? En wil je toch graag dat jouw baby moedermelk krijgt? Dan is donormelk (moedermelk van andere moeders) een uitkomst.

Moedermelknetwerk  www.moedermelknetwerk.nl

Moeders die te veel melk hebben, kunnen hun melk doneren bij de Moedermelkbank of het Moedermelknetwerk. Aan deze donormoeders worden strenge eisen gesteld. Alle donormelk moet aan deze richtlijnen voldoen, zodat de melk altijd veilig is voor kwetsbare baby's. Donormoeders mogen bijvoorbeeld niet roken en mogen geen medicijnen gebruiken.

 

Wat je verder nog moet weten

 

Om de twee tot vier uur honger

Het is normaal dat je baby ongeveer om de twee tot vier uur wakker wordt om te drinken, ook 's nachts. Als hij geregeld kleine hoeveelheden melk krijgt, blijft de bloedsuikerspiegel goed op peil en wordt zijn maag niet te snel opgerekt. Een baby geeft zelf aan wanneer hij honger heeft of voldaan is. Je leert vanzelf de signalen bij jouw baby te herkennen. Naarmate je baby zwaarder wordt, gaat hij grotere hoeveelheden melk per keer drinken. Het aantal voedingen per 24 uur gaat dan mogelijk omlaag. Sommige baby's houden behoefte aan regelmatig kleine hoeveelheden voeding op een dag.

 

Leg je baby niet plat op zijn rug bij het voeden

Je kunt je baby het beste bijna rechtop laten zitten bij het voeden, of op zijn zij leggen. Leg hiervoor eventueel een (voedings)kussen op je schoot. Het is onverstandig om je baby tijdens het voeden plat op zijn rug te leggen, want dat vergroot de kans op verslikken en te veel voeding binnenkrijgen.

 

Wissel af op welke arm je je baby voedt

Neem je baby voor de ene voeding op je rechterarm en voor de volgende voeding op je linkerarm. Of zorg dat hij afwisselend op zijn linker- en rechterzij ligt. Dit zorgt voor een gelijkwaardige belasting van het hoofdje en een gelijkmatige ontwikkeling van beide hersenhelften en ogen.

 

Als je baby te veel lucht binnenkrijgt

Om goed te kunnen drinken, moeten baby's hun mondje om de borst of fles vacuüm kunnen zuigen. Soms lukt dat niet. Dan zuigt de baby te veel lucht mee naar binnen met de voeding, waardoor hij kan gaan spugen of buikkrampjes krijgt. Overleg met je kraamverzorgende, verloskundige of lactatiekundige wat je hieraan kunt doen.

 

Laat je baby veel zuigen

Baby's hebben een sterke zuigbehoefte. Dat helpt ze niet alleen bij voedingen: zuigen verlicht ook pijn, ongemak en stress. Als je je baby niet de borst of fles kunt geven op een bepaald moment, kan zijn eigen knuistje of jouw schone vinger (pink) uitkomst bieden.

 

Zet het babybedje in je slaapkamer (' rooming-in' )

Wakker worden voor nachtvoedingen is normaal voor een baby. De ene baby kan 's nachts sneller zonder voeding of de nabijheid van zijn ouders dan de andere . Door je baby in een apart bedje bij je op de kamer te laten slapen (rooming-in ), kun je vlot reageren op zijn signalen. Stichting Veiligheid adviseert rooming-in tot de leeftijd van minimaal 6 maanden.

 

Laat je baby niet bij je in bed slapen ('bedding-in')

Soms heeft een baby's nachts behoefte aan lichaamscontact, zeker in de eerste weken. Het wordt afgeraden om een baby jonger dan 4 maanden in je bed te laten slapen (bedding-in). Een voorbeeld van een handige en veilige oplossing is een 'aanschuifbedje' (co-sleeper). Daarbij liggen de matrassen van jouw bed en het bedje van je baby op dezelfde hoogte tegen elkaar aan.

 

Last but not least: vertrouw op je eigen gevoel

Jouw baby heeft zo zijn eigen behoeften. Hoe jij daarmee omgaat, 'klopt' niet altijd met wat andere mensen denken dat goed is voor een baby. Dat kan best lastig zijn. Wanneer doe je het goed? Gelukkig voelen de meeste ouders zelf prima aan wat ze het beste kunnen doen om goed voor hun baby te zorgen. En als je twijfelt of hulp nodig hebt, schroom dan niet die te vragen aan de verloskundige, kraamverzorgende, lactatiekundige, familie of vrienden.

 

Markt 21     4931 BR Geertruidenberg     0162-523349     info@moriaen.nl